Pestprotocol
St.Egbertus
St.Radboudschool
|
Pesten
op school, hoe ga je er mee om?
|
Plagen
of pesten
Pesten is
bedreigend en het gebeurt niet zomaar een keer, maar iedere dag weer,
soms een jaar of langer achter elkaar. Bij pesten wordt een
slachtoffer uitgezocht om de baas over te spelen op een heel
bedreigende en gemene manier. De pestkop misbruikt zijn macht.
Meestal
hebben de pestende kinderen niet in de gaten hoe afschuwelijk het
pesten is voor degene die gepest wordt. Terwijl het gepeste kind
vreselijk bang is voor de pauze of niet op straat durft te spelen,
ziet de pester het als een lolletje.
Pesten
lijkt dus op plagen maar er zijn grote verschillen.
Het
verschil:
Iemand van
zijn fiets aftrekken: dat kan plagen zijn. Maar ook pesten. Het is
plagen als de kinderen aan elkaar gewaagd zijn: de ene keer doet de
een iets onaardigs, een volgende keer is het een ander. Het is een
spelletje, niet altijd leuk, maar nooit echt bedreigend. Bovendien
duurt het nooit echt lang. Door elkaar te plagen leer je zelfs om met
conflicten om te gaan. Het hoort bij het groot worden.
Pesten kan
beginnen als een spelletje, als iets leuks om te doen. Het gepeste
kind voelt zich erg ongemakkelijk door het pesten. Het lukt hem/haar
niet terug te plagen, een grapje te maken of onverschillig te
blijven. Degene die gepest wordt, wordt heel erg bang en verdrietig
en voelt zich hulpeloos. Vaak is er een groepje kinderen dat meedoet
met de pestkop, ze lachen wanneer de pester iets gemeens doet maar
durven zelf niets te doen.
Pesten
komt helaas op iedere school voor, ook bij ons.
Het is een
probleem dat wij onder ogen zien en op onze school serieus aan willen
pakken.
Pesten
dient als probleem te worden gezien door alle direct betrokken
partijen:
|
*leerlingen
(gepeste kinderen, pesters en de zwijgende groep)
*leerkrachten
en de ouders/ verzorgers (hierna genoemd: ouders)
|
|
De school moet proberen
pestproblemen te voorkomen. Los van het feit of pesten wel of niet
aan de orde is, moet het onderwerp pesten met de kinderen
bespreekbaar worden gemaakt, waarna met hen regels worden
vastgesteld.
|
|
Als pesten optreedt, moeten
leerkrachten (in samenwerking met de ouders) dat kunnen signaleren
en duidelijk stelling nemen
|
|
Wanneer pesten ondanks alle
inspanningen toch weer de kop opsteekt, moet de school beschikken
over een directe aanpak.
|
Hoe
willen wij daar mee omgaan?
Het gepeste kind
*
Luister naar het gepeste kind en neemt haar/zijn probleem serieus
*
Bied steun aan het dat kind gepest wordt
*
Het gepeste kind mag zich geen slachtoffer blijven voelen, probeer
hem
weerbaar
te maken.
*
Spreek af dat je na veertien dagen weer een gesprek met hem hebt.
De pester
*
Maak de pester bewust van de effecten van zijn gedrag. Vraag hoe hij
zich zou
voelen
in een dergelijke situatie.
*
Spreek af dat je na veertien dagen weer een gesprek met hem hebt.
*
Gaat het pesten toch nog door, tref dan een maatregel/straf
*
Zorg dat het kind deskundige hulp krijgt, bijv. sociale
vaardigheidstraining
De
middengroep betrekken:
In
de klas weten alle klasgenoten wie er gepest wordt en wie er pest.
Toch praten zij er niet over
*
Praat met deze kinderen over pesten en hun eigen rol daarbij.
*
leer ze met kleine groepjes op te treden als zij getuige zijn van
pesten.
Het schoolteam
Van
belang is dat de school zich bewust wordt van het pestprobleem en
stelling neemt tegen het pesten. Zie de quickscan voor alle
elementen.
Elke
periode wordt er in de teamvergadering een inventarisatie gemaakt van
de pestdossiers.
Ouders:
*
Ouders van gepeste kinderen serieus nemen. Zij hebben al een lange
weg bewandeld voordat zij naar school gaan.
*
Ouders van pesters aanspreken
*In
samenwerking tussen school en ouders het pestprobleem aanpakken. De
inbreng van ouders blijft bij voorkeur beperkt tot het aanreiken van
informatie, tot het geven van suggesties, en tot het ondersteunen van
de aanpak van de school.
Agressief
gedrag van leerkrachten, ouders en de leerlingen wordt niet
geaccepteerd. Leerkrachten horen
duidelijk stelling te nemen tegen dergelijke
gedragingen.
Regels
die gelden in alle groepen:
We behandelen elkaar met respect
Naar school gaan moet voor iedereen
plezierig
zijn, bijvoorbeeld:
- We helpen elkaar zoveel mogelijk
- We behandelen een ander zoals we zelf
graag behandeld willen worden
- We letten op ons taalgebruik
- We zorgen ervoor dat iedereen zich
veilig voelt op school
- We zijn beleefd tegen alle volwassenen
in school
We storen elkaar zo
min mogelijk
In school moet het rustig
zijn, bijvoorbeeld:
- We gaan rustig naar binnen.
- We lopen normaal door de gang.
- In de klas zitten we rustig op
onze plaats
- We gebruiken onze stem normaal.
We gaan zorgvuldig met onze spullen en
die van anderen om
De school moet netjes
zijn, bijvoorbeeld:
- We gooien afval in de vuilnisbak
- We hangen jassen op aan de
kapstok
- We zorgen ervoor dat ons kastje
er netjes uitziet
- We ruimen onze rommel op
- We kunnen erop vertrouwen dat er
niemand aan onze spullen komt.
- We zijn zuinig op de spullen van
de school.
We lossen problemen samen op
De school moet veilig
zijn, bijvoorbeeld:
- Als we een meningsverschil
hebben praten we erover.
- Als ons probleem te groot is
schakelen we de leerkracht in.
- We vermijden spelletjes waarbij
we elkaar pijn kunnen doen.
- Als we ons onveilig voelen mogen
we dat tegen de leerkracht zeggen.
- We helpen iemand die verdrietig,
bang of alleen is.
Aan het
begin van het schooljaar maken de leerkracht(en) samen met de
leerlingen afspraken voor een veilige sfeer in de groep.
Aanpak
van de ruzies en pestgedrag in vier stappen:
Wanneer
leerlingen ruzie met elkaar hebben en/of elkaar pesten proberen zij
en wij:
Er eerst
zelf ( en samen) uit te komen.
Op het
moment dat een van de leerlingen er niet uitkomt ( in feite
het onderspit delft en verliezer of zondebok wordt) heeft deze
het recht en de plicht het probleem aan de leerkracht voor te leggen.
De
leerkracht brengt de partijen bij elkaar voor een
verhelderingsgesprek en probeert samen met hen de ruzie of pesterijen
op te lossen en (nieuwe) afspraken te maken.
Ook wordt
er een pestdossier aangemaakt voor de gepeste en de pester. Indien
nodig worden ouders op de hoogte gebracht.
Bij
herhaaldelijke ruzie/ pestgedrag neemt de leerkracht duidelijk
stelling en houdt een bestraffend gesprek met de leerling die pest
/ruzie maakt. De fases van bestraffen treden in werking (zie bij
consequenties).
Bij de een
herhaalde melding in de map worden de ouders op de hoogte gebracht
van het ruzie-pestgedrag. Leerkracht(en) en ouders proberen in goed
overleg samen te werken aan een bevredigende oplossing.
|
De leerkracht biedt altijd
hulp aan de gepeste en begeleidt de pester, indien nodig in
overleg met de ouders en/of externe deskundigen.
|
Consequenties:
De
leerkracht neemt duidelijk een stelling in.
De straf is
opgebouwd in 5 fases; afhankelijk hoelang de pester door blijft gaan
met zijn/ haar pestgedrag en geen verbetering vertoont in zijn / haar
gedrag:
FASE 1:
-
Door
gesprek: bewustwording van wat hij met het gepeste kind uithaalt
-
Een
of meerdere pauzes binnen blijven
-
Nablijven
tot alle kinderen naar huis vertrokken zijn.
-
Een
schriftelijke opdracht zoals een stelopdracht over de toedracht en
zijn rol in het pestprobleem
-
Afspraken
maken met de pester over gedragsveranderingen. De naleving van deze
afspraken komen aan het einde van iedere week (voor een periode) in
een kort gesprek aan de orde.
FASE 2:
-
Een
gesprek met de ouders, als voorgaande acties op niets uitlopen. De
medewerking van de ouders wordt nadrukkelijk
gevraagd om een einde aan het probleem te maken. De school heeft
alle activiteiten vastgelegd in een pestdossier van het kind en de
school heeft al het mogelijke gedaan om een einde te maken aan het
pestprobleem.
FASE 3:
Fase 4:
Fase 5:
(
zie hiervoor het protocol – toelaten, schorsen en verwijderen
leerlingen))
Begeleiding
van de gepeste leerling:
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
-
Het
gepeste kind niet overbeschermen bijvoorbeeld naar school brengen
of ‘ik
-
zal het de pesters wel eens
gaan vertellen’. Hiermee plaats je het gepeste kind juist in
een uitzonderingspositie waardoor het pesten zelfs nog toe kan
nemen.
|
Begeleiding
van de pester:
-
Praten; zoeken naar de reden
van het ruzie maken/ pesten (baas willen zijn, jaloezie,
verveling, buitengesloten voelen)
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Adviezen
aan de ouders:
Ouders
van gepeste kinderen:
-
Houd
de communicatie met uw kind open, blijf in gesprek met uw kind.
-
Als
pesten niet op school gebeurt, maar op straat, probeert u contact
op te nemen met de ouders van de pester(s) om het probleem
bespreekbaar te maken.
-
Pesten
op school kunt u het beste direct met de leerkracht bespreken
-
Door
positieve stimulering en zgn. schouderklopjes kan het zelfrespect
vergroot worden of weer terug komen.
-
Stimuleer
uw kind tot het beoefenen van een sport
-
Steun uw kind in het idee dat
er een einde aan het pesten komt
|
Ouders
van pesters:
-
Neem
het probleem van uw kind serieus
-
Raak
niet in paniek: elk kind loopt kans pester te worden
-
Probeer
achter de mogelijke oorzaak te komen
-
Maak
uw kind gevoelig voor wat het anderen aandoet
-
Besteed
extra aandacht aan uw kind
-
Stimuleer
uw kind tot het beoefenen van een sport
-
Corrigeer
ongewenst gedrag en benoem het goede gedrag van uw kind
-
Maak uw kind duidelijk dat u
achter de beslissing van school staat
|
Alle
andere ouders:
-
Neem
de ouders van het gepeste kind serieus
-
Stimuleer
uw kind om op een goede manier met andere kinderen om te gaan
-
Corrigeer
uw kind bij ongewenst gedrag en benoem goed gedrag.
-
Geef
zelf het goede voorbeeld
-
Leer
uw kind voor anderen op te komen.
-
Leer uw kind voor zichzelf op
te komen
|
Dit
PESTPROTOCOL heeft als doel:
“ Alle kinderen mogen zich in hun
basisschoolperiode veilig voelen, zodat
zij zich optimaal kunnen
ontwikkelen”
Door regels
en afspraken zichtbaar te maken kunnen kinderen en volwassenen, als
er zich ongewenste situaties voordoen, elkaar aanspreken op deze
regels en afspraken
Door elkaar
te steunen en wederzijds respect te tonen stellen we alle kinderen in
de gelegenheid om met veel plezier naar school te gaan!
Leerkrachten
en de medezeggenschapsraad onderschrijven gezamenlijk dit
PESTPROTOCOL